Virtual Action Learning in Moodle

Een competentiegericht blended opleidingsconcept

Twee jaar geleden volgde ik de opleiding VAL-trainer bij het Citowoz in Breda. VAL (Virtual Action Learning) is een methode om competentiegericht onderwijs vorm te geven. Het wordt inmiddels met succes bij een aantal hbo’s en bedrijfsopleidingen toegepast. Een voorwaarde voor het slagen van VAL is een krachtige ELO. Daarom heeft Citowoz tegelijk met het concept een Virtual Learning Community ontwikkeld. Als Moodle-fan fantaseerde ik hoe een VAL-opleiding in Moodle zou passen. Inmiddels heeft iemand dat gedaan: François Walgering maakte in Moodle een training ‘Competentiegericht onderwijs’ voor docenten van Defensie op basis van de 11 VAL-Stappen.

In dit artikel wil ik laten zien hoe François het VAL-concept in Moodle heeft vormgegeven. Ik beschrijf VAL in het kort, laat zien hoe de VAL-stappen zijn terug te vinden in de interface van de Moodle-cursus en geef een korte analyse en evaluatie, aangevuld met François’ ervaringen.

Lees je dit artikel liever van papier, download dan de pdf.

CGO leren en onderwijzen is DOEN

De Defensiedocenten hadden eerder een training gekregen over competentiegericht opleiden, maar daar was niet veel van blijven hangen. Frontaal lesgeven over CGO bleek niet te werken. CGO vraagt van de docenten die in CGO gaan opleiden een radicaal andere attitude ten aanzien van hun eigen leergedrag: van passief naar actief. De kern van CGO is immers dat je de lerende prikkelt om leervragen te formuleren en daarmee aan de bak te gaan. Die omslag bereik je niet door docenten naast het zwembad over CGO te vertellen, maar door hen te laten zwemmen.

In CGO leren hoe je CGO onderwijst (http://iwebask.com/blog/wp-content/uploads/2011/09/46.png)

François veroorzaakt met zijn opleiding een mooi Droste-effect. Want wat is er nu mooier dan docenten in een CGO- concept leren hoe ze hun deelnemers op een CG-manier moeten opleiden?

De VAL-leercirkel

Op zoek naar een goed CGO-concept kwam hij bij VAL uit. VAL bestaat uit 11 stappen die een student doorloopt om competenties te verwerven. Voor de achtergrond van het VAL-concept verwijs ik naar het boek Virtual Action Learning: een opleidingsconcept over samenlerend produceren met behulp van ICT . In onderstaand schema vind je de stappen zoals François ze heeft toegepast in zijn VAL-cursus. In zijn opleiding zijn het er 12 in plaats van 11.

VAL kent een aantal centrale kenmerken, die je in deze stappen terugziet. Van de website van Citowoz:

Lerende stippelt zelf zijn route uit

Er is geen verplichte volgorde in de stappen. Enerzijds omdat de lerende zijn eigen tempo kiest en zijn eigen leervoorkeuren heeft en anderzijds omdat hij afhankelijk is van de voortgang van zijn groepsleden. Er moeten immers wel producten staan om feedback op te geven of stellingen om op te reageren. De begeleidend docent houdt in de gaten of de interactie op gang komt en goed loopt.

Er worden wel tevoren bijeenkomsten ingepland. De agenda daarvan wordt mede bepaald door de oogst uit de ELO. De begeleidend docent bespreekt de producten die de studenten als beste genomineerd hebben, geeft een korte presentatie over belangrijke leervragen die zijn gesteld of de groep legt vragen voor aan een externe deskundigen. Natuurlijk is er ook tijd om vaardigheden met elkaar te oefenen. Een discussie kan zijn voorbereid in de ELO en in de bijeenkomst met een debat worden afgerond. Hier kom ik op terug bij ‘Rooster’.

De inhoud

Grof gezegd ging het bij de docenten van Defensie om de competentie: competentiegericht kunnen doceren. François heeft er voor gekozen om een verdeling te maken in vijf thema’s:

  1. (Zelf)reflectie
  2. Definities binnen competentiegericht onderwijs (een gemeenschappelijk beeld krijgen bij het ‘Competentiewoordenboek’ van Defensie)
  3. Competentiegericht onderwijs (concepten en modellen verkennen en beoordelen)
  4. Competentiegericht begeleiden en coachen
  5. Competentiegericht beoordelen

Ik ga verder niet in op de inhoud, maar op de didactiek. Ik spreek in het vervolg steeds over de lerende als de ‘docent’. De doelgroep bestond immers uit docenten. Ik hoop niet dat dit verwarrend is.

Competentieprofiel als dashboard, leerarrangement als stuur

Voor elk van deze thema’s doorlopen de docenten een zo volledig mogelijke VAL-cirkel. Het startpunt is reflectie op de competentie: wat weet/kan ik al, wat wil ik nog leren? Als de docent daar concrete leervragen bij heeft, kijkt hij in de ELO welk Leerarrangement (LA) hem kan helpen om daar antwoorden op te vinden.

Zie een LA als een opdracht om een product te maken dat voldoet aan gegeven beoordelingscriteria. Bij de opdracht staat welke leerinteracties de docent kan aangaan met mededocenten en met de begeleider om zijn product en daarmee het niveau van zijn competentie te verbeteren. Deze leerinteracties zijn de VAL-stappen.

De voorbereiding van de docent op de beoordeling en het daadwerkelijke assessment vormen vanzelfsprekend de laatste stappen van de cirkel. Zowel het product als de bijdragen van de docent aan de leerinteractie vormen bewijzen voor de beoordeling van het competentieniveau. De assessor weegt deze en doet een uitspraak over het bereikte niveau. Hieronder als voorbeeld een pdf van de Leeropdracht (Zelf)reflectie).

Open pdf leeropdracht (Zelf)reflectie

De mogelijke leerinteracties zien we straks terug in de Moodle-omgeving, want de functionaliteiten voor bijvoorbeeld commentaar vragen van medestudenten of vragen opstellen voor de deskundige zijn daarin klaargezet.

Rooster

VAL is een ‘blended’ onderwijsconcept. Er wordt zowel in georganiseerde bijeenkomsten, in spontane live teamoverleggen, in coachingsgesprekken en online samenwerkend geleerd. De VAL-stappen bij de LA’s werden in een tijdsbestek van een maand voor elk thema doorlopen, gestuurd en gecoacht door François. Dit rooster werd dus vijf keer herhaald.

Het ‘rooster’ voor zo’n blok van een maand ziet er zo uit:

Klik om te vergroten

De verwachte tijdsbesteding zou je laag kunnen noemen. In deze tijd moet namelijk veel gebeuren: research doen voor het leerproduct, feedback geven op elkaars producten, een sessie met een expert voorbereiden, reflecteren op het eigen leerproces.

Wil je weten hoe Francois een VAL-bijeenkomst inricht, open dan de pdf met de ‘uitnodiging’ voor de docenten. Deze bijeenkomst is onderdeel van Thema 1 (Zelf)reflectie, waarvan je ook het LA hebt kunnen bekijken.

Keuze voor Moodle

Bij VAL heb je een ELO nodig. Alle opdrachten en ‘kennisobjecten’ die de docenten nodig hebben zijn daarin altijd bereikbaar. Daarbij moeten alle vormen van leerinteractie gefaciliteerd worden. Daaruit komen immers bewijzen voor het ontwikkelde competentieniveau. Dan moet je ze eerst mogelijk maken in een ELO.
De keuze voor Moodle lag voor François voor de hand omdat een aantal onderdelen uit de krijgsmacht er al mee werkte.

VAL-cirkel uitgewerkt in Moodle

Francois heeft de stappen uit de VAL-cirkel vertaald naar de functionaliteiten van Moodle. Je ziet hier de homepage (‘Cursusoverzicht’) in drie afbeeldingen onder elkaar. Een Moodlecursus bestaat uit ‘secties’ in het midden waarin bronnen en leeractiviteiten geplaatst worden en ‘blokken’ aan de zijkant waarin sectie-overstijgende informatie geplaatst wordt. We kijken nu alleen naar de secties. Ik heb de nummers van de stappen uit de VAL-cirkel gekoppeld aan de bronnen en activiteiten in de secties.

Screenview 1 van Cursusoverzicht (klik om te vergroten)

Screenview 2

Screenview 3 (laatste)

Ten slotte nog een verklaring van de typische Moodle-iconen.

Moodle iconen

Een ‘Forum’ is voor discussies. Iedereen kan een nieuwe discussie starten en reacties plaatsen. Er kunnen ook bijlagen aan een bericht worden toegevoegd. Een forum kan op deze manier gebruikt worden om feedback te geven op elkaars producten. ‘

Bestand insturen’: docent stuurt product in, als concept om feedback te vragen van de begeleidend docent, of als eindproduct, ter beoordeling.

‘Bronnen’: Word-documenten of pdf’s ter informatie.

Beschrijving ontwerp

Je ziet dat Francois de volgende keuzes heeft gemaakt in zijn ontwerp:

1.    Portfolio

Het leertraject start in sectie 1 met de opdracht om een portfolio in te sturen waarin de docent reflecteert op zijn huidige niveau op de competenties waaraan hij in de opleiding gaat werken (thema-overstijgend). Dit is onderwerp van gesprek met de begeleider: welke thema’s en leervragen zijn voor jou gezien je portfolio van het meeste belang? Bij de voortgangsgesprekken na elk thema en bij de eindevaluatie komt het portfolio weer op tafel.

2.    Thema per sectie

De volgende secties bevatten de thema’s. Elk thema kent  een vaste opbouw:

  • Leerdoelen – downloadbaar document (Bron in Moodletermen)
  • Leeropdracht – downloadbaar document (idem)
  • Analyse van de opdracht – Opdracht insturen voor ‘Eerste Commandanten Terugkoppeling’. Dit betekent dat de docent aan de begeleider teruggeeft dat hij de opdracht heeft begrepen en op X-wijze gaat uitvoeren. Begeleider stuurt dan zo nodig nog bij
  • Bron waarin het programma van en de voorbereiding voor een geagendeerde bijeenkomst staat

3.    Bronnen in aparte sectie

Na de thema’s volgt een aparte sectie met bronnen voor de ‘Ondersteunende informatie’ verdeeld over gelabelde mappen die deels direct zijn te herleiden tot een van de thema’s en deels thema-overstijgend zijn

4.    Sectie voor elke ‘soort’ leerinteractie

In de volgende secties vindt de docent functionaliteiten voor de leerinteracties: forums voor de stappen in de leercirkel waarvoor online interactie noodzakelijk is, zoals het formuleren van leervragen, leerproducten delen of in een subgroep elkaar helpen met het eigen product (Projectmatig werken), feedback geven op elkaars producten, kennis verdiepen door op stellingen te reageren die in een bijeenkomst verder uitgewerkt kunnen worden en een forum om een meeting met een expert voor te bereiden

5.    Sectie ‘Evaluatiegesprek’ helemaal onderaan de Overzichtspagina voor beoordeling

Docent verzamelt zijn product en andere bewijzen uit bovenstaande secties in een of meer documenten en stuurt dit in voor de begeleider die het gaat beoordelen en bespreken.

Analyse en evaluatie ontwerp

Je kunt dit ontwerp vanuit het perspectief van de gebruiker en vanuit het perspectief van de relatie didactiek/techniek bekijken.

Logica interface en navigatie vanuit de gebruiker

De lerende docent begint in de themasectie. Vervolgens kan hij de secties met Ondersteunende informatie en de forums voor de verschillende vormen van Leerinteractie lineair doorlopen tot hij in de laatste sectie voor het Evaluatiegesprek belandt.
Als ik als gebruiker het schema zie met de VAL-stappen en vervolgens in de overzichtspagina kijk, zou ik het moeilijk vinden om de VAL-stappen te koppelen aan de titels van de secties en forums. Is ‘Stellingen formuleren’ een ‘Leerinteractie’? Het doel van een leeractiviteit en de werkvorm die daarvoor gehanteerd wordt, loopt een beetje door elkaar. Als de gebruiker in de omgeving direct ziet hoe hij output uit de ene stap kan gebruiken voor een volgende, dan is de kans op online activiteit en op benutten van zoveel mogelijk VAL-stappen groter. Op dat punt kan het ontwerp van de ELO verbeterd worden.

Ik denk dat de keuze om in de thema-secties alleen bronnen en leeractiviteiten die specifiek over dat thema gaan en de secties met forums voor de leerinteracties niet op thema te scheiden het navigeren ingewikkelder maakt. De gebruiker vraagt zich af: in welk forum had ik ook alweer iets bruikbaars gezien over dat thema? Bovendien verwacht ik dat de forums onoverzichtelijk worden als daar discussies over alle thema’s bij elkaar staan.

Gebruik van de functionaliteiten van Moodle (didactiek > techniek)

Je kunt ook met een Moodle-oog naar het ontwerp kijken. Daarbij stel ik me de volgende vragen:

  1. Is het handiger om per thema een aparte cursus te maken waarin elke VAL-stap een eigen sectie en leeractiviteit heeft. De thema-overstijgende informatie zoals het startportfolio, de informatiebronnen en het eindportfolio staan in een metacourse waarmee gelinkt wordt. Of de bronnen komen in een Databank die op de Startpagina geplaatst wordt en vanuit de cursussen te raadplegen is.
  2. Welke leeractiviteiten in Moodle zijn het meest geschikt gezien het doel van de VAL-stap? Er is nu alleen gewerkt met forums en opdracht insturen, maar voor bijvoorbeeld Feedback geven kan een Workshop heel geschikt zijn. Voor vragen voor de experts is een Wiki een mooie oplossing…  Bij elke functionaliteit kan in subgroepen gewerkt worden.

Perspectief vanuit de gebruiker en vanuit de didactiek>techniek leiden tot dezelfde vraag:

Welk interface-ontwerp motiveert de docent het beste om alle stappen in de VAL-cirkel te zetten met het beste leerresultaat?

Nog voordat je Moodle, of een andere leeromgeving voor VAL gaat inrichten, beschrijf je in het ontwerp welke functionaliteiten je nodig hebt om de gewenste interactie en rapportage te krijgen.

Ervaringen betrekken bij evaluatie

Natuurlijk is het belangrijk om goed naar de ervaringen te kijken die François met zijn doelgroep heeft opgedaan. Wat vonden de docenten van het ontwerp en hoe hebben ze de VAL-stappen uitgevoerd, al dan niet met behulp van de Moodle-omgeving?

Klikvrees gecombineerd met ‘we zitten toch naast elkaar’

François vertelde me dat het niet vanzelf ging. In de startbijeenkomst was sowieso veel tijd nodig om het concept uit te leggen en om te leren werken met Moodle. De vaardigheid in werken met internet was nogal gevarieerd. Francois heeft bij het eerste thema de docenten stap voor stap door de cursus geleid. Daarna konden ze behoorlijk goed zelf de weg vinden.
Aangezien de meeste docenten uit de groep bij elkaar op de gang zaten en voornamelijk onder kantoortijd aan de cursus werkten, was het wat lastig om hen te motiveren in de ELO te werken! In de praktijk vond de meeste leerinteractie dus toch in bijeenkomsten en gesprekken plaats. In de ELO is dan weinig bruikbaar ‘bewijs’ te vinden.

Online feedback geven aan peers is spannend en gewoon moeilijk

Daarbij bleek ook dat lang niet alle VAL-stappen gezet werden. Nu laat het VAL-concept ook ruimte voor eigen keuzes en in de beoordeling gaat het altijd om een mix van bewijzen. Niet elke stap is verplicht. De stappen bleven echter bij de meeste thema’s beperkt tot het inleveren van een product. Docenten hadden veel moeite met elkaar ondersteunen bij het leren en feedback geven op elkaars producten. Dat is jammer. Bij een volgende editie zal daar dan ook nog meer aandacht aan gegeven moeten worden. Daarbij moet ook naar de randvoorwaarden gekeken worden: is er genoeg tijd gereserveerd voor de opleiding? Of, langs de andere kant: kan het aantal thema’s ingekrompen worden waardoor de cirkel minder vaak maar wel grondiger wordt doorlopen?

Toch heel waardevolle opbrengst

Als we even het benutten van het VAL-concept en traceerbaarheid van het leren in de ELO loslaten en kijken naar wat het heeft opgeleverd, dan is het resultaat toch heel goed geweest. François heeft zowel tijdens de workshops, de individuele begeleiding en bij de beoordeling gezien en gehoord dat docenten veel nieuwe inzichten in leer- en onderwijsprocessen hebben opgedaan.

Ze hebben kritisch naar zichzelf gekeken, onderliggende overtuigingen gekanteld en geëxperimenteerd met nieuw gedrag. Dat is voor de doelgroep van mannen tussen 45 en 55 met behoorlijk vastgeroeste ideeën over instructie, een hele grote stap. Docenten vroegen zich voor het eerst af: ‘Wat vraag ik nu eigenlijk van mijn studenten?’ Op de werkvloer vormt het docententeam nu, een half jaar later, een zelfregulerend systeem. Het effect terug te zien in het onderwijs dat de docenten geven: behoorlijk competentiegericht!

Om bovenbeschreven leerprocessen niet alleen live maar ook online in gang te zetten, is voor een deel van de doelgroep nog een te grote stap. Zit je zelf nog aan de oppervlakte met je denken over leren, dan stel je collega’s nog geen verdiepende vragen.

Conclusie: VAL met Moodle doen?

Naar mijn idee kan VAL in elke leeromgeving worden toegepast, of het nu Moodle is, of ILIAS, Blackboard of Sharepoint. François heeft daar een heel mooi voorbeeld van neergezet. Het komt aan op goed kijken naar de didactiek en organisatie van het leerproces die in elke stap zit ingesloten en hoe je die met de functionaliteiten van de ELO of DLWO het beste tot hun recht laat komen.

Voor docenten in mbo en hbo die in hun ontwikkeling voor twee uitdagingen staan:

  • CGO ontwerpen, begeleiden en beoordelen
  • ICT met didactiek leren verbinden

zou het volgen van deze opleiding in hun eigen leeromgeving een winstverdubbelaar zijn!